| De Historie:
De "WAKER" begon haar carrière in 1977 als "SMIT HOUSTON". Zij werd gebouwd bij Verolme Scheepswerf Heusden onder bouwnummer 935. Zij behoorde samen met de "SMIT NEW YORK" tot de 16000 ihp klasse van Smit en was qua uiterlijk sterk gebaseerd op de eerder gebouwde 22000 ihp klasse "SMIT ROTTERDAM" en "SMIT LONDON". Later zou dat uiterlijk ook weer te zien zijn bij schepen als de "SMIT SINGAPORE" (nu alle varend voor SVITZER Ocean Towage).
In 1990 kwam er een einde aan het tijdperk "SMIT HOUSTON". Door een terug lopende oliemarkt was er geen werk meer te vinden voor de "SMIT HOUSTON" en er wordt naar een andere oplossing gezocht. Greenpeace was eind jaren 80 dringend op zoek naar een ander schip, het liefst met berging- en sleepmogelijkheden en wilde graag de "SMIT HOUSTON" overnemen. Mede ook omdat Greenpeace hiermee haar standpunt kracht bij wilde zetten om een sleepboot beschikbaar te hebben op de Noordzee voor eventuele calamiteiten. Greenpeace kon de "SMIT HOUSTON" over nemen voor een symbolisch bedrag. Ook de overname was Symbolisch, want Smit kon het schip direct terugvorderen als er op de Noordzee een calamiteit plaats zou vinden en er was geen ander schip in de buurt. De sleep- en bergingsmiddelen mochten dan ook niet van boord verwijderd worden. Toen de "SMIT HOUSTON" in handen kwam van Greenpeace werd ze
omgedoopt tot "SOLO" en vonden er een aantal ingrijpende verbouwingen
plaats. De nylon
winch achter de accommodatie werd verwijderd en werd vervangen door een dierenhospitaal. De accommodatie op het bakdek werd naar voren door getrokken,
wat ten koste ging van de kraan op het voordek. Hier werden een expositie- en filmruimte
gecreëerd; bovenop deze ruimte kwam een helidek. Dit dek was geschikt voor
helikopters met een totale lengte van 13.30 meter inclusief rotor en een totaal
gewicht van 4 ton wat, vergelijkbaar met een helikopter van het type Eurocopter
AS 365 N Dauphin. De voormast werd strijkbaar gemaakt om zo een vrij dek te creëren voor
helikopteroperaties. In de machinekamer verdween de mogelijkheid om op zware
olie te varen, van nu af aan werd er alleen nog maar gevaren op gasolie.
Heden: Naar aanleiding van de ramp met de "BREAR" in 1993 bij de Shetland eilanden, waarbij 85.000m3 olie vrijkwam, laaide de discussie weer op over een permanente stationering van een bergingssleepboot. In mei 1994 verscheen het rapport "Safer Ships, Cleaner Seas", met een groot aantal aanbevelingen, onder andere over het stationeren van bergingsvaartuigen op verschillende strategische posities. Een jaar later, in 1995 werd door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat besloten tot permanente stationering van een bergingssleepboot (ook wel Emergency Towing Vessel (ETV) genoemd) voor de Nederlandse kust. Het (hoofd)doel bij de inzet van dit ETV was bescherming van het mariene milieu, waaronder het kwetsbare Waddengebied. Één en ander geschiedt door snel en adequaat te reageren op (dreigende) calamiteiten zoals b.v. een aandrijving tussen een drifter en een olieplatform. Verkeer en Waterstaat nodigde drie grote bergingbedrijven uit om samen met hen te onderzoeken of dit plan te realiseren was. De eis van het Ministerie was dat de sleepboot in staat moest zijn een geladen VLCC (Very Large Crude Carrier) tijdens een zware storm in bedwang te houden. Daarnaast diende de aanbieder over een berginginfrastructuur te beschikken. De drie bergingbedrijven, Smit, Wijsmuller en ITC, richtten een samenwerkingsverband op onder de naam SWI en bereikten overeenstemming met Greenpeace om de "SOLO" in charter te nemen.Op 12 juli 1995 werd het contract getekend en op 15 juli 1995 was de "WAKER" een feit.
Na een dok- en inspectiebeurt, diverse reparaties en het terug plaatsen van de nylonwinch achter de accommodatie was de "WAKER" weer volledig inzetbaar. In de nieuwe kustwacht kleuren nam zij ligplaats in Den Helder en begon aan haar contract voor 2½ jaar. Den Helder was als ligplaats gekozen vanwege het ontbreken van sleepbootcapaciteit in het noorden van het land en de vele platformen die juist hier tussen de verkeerscheidingsstelsels aanwezig waren. Nadat de aanwezigheid van de "WAKER" effectief
gebleken was, werd eind 1997 het contract met 5 jaar verlengd. ITC stapte
uit het samenwerkingsverband, en Smit en Wijsmuller gingen samen verder. De
"WAKER" werd
ondergebracht in een eigen B.V. in de joint-venture SmitWijs Waker B.V. Op maandag avond 7 september 2009 werd de WAKER rond 18:05hr getroffen door een machine kamer brand. Zij lag op dat moment 5 kilometer Noord-West van Vlieland ten anker. Uit voorzorg werden de opstappers en een gedeelte van de bemanning van boord gehaald en bleef een kern bemanning over. Samen met toegesnelde eenheden van Kustwacht, Marine, Bergingsbedrijven en de KNRM werd het vuur bestreden. In de vroege ochtend van 8 september was de brand onder controle en is het schip richting Den Helder gesleept. Het onderzoek naar de oorzaak en de omvang van de brand is afgerond. Een brandstofleiding bleek de oorzaak te zijn geweest. Ook is duidelijk geworden dat de beschadigingen aan het inwendige van het schip, ook buiten de machinekamer, zodanig ingrijpend zijn dat het schip 'total loss' moest worden verklaard. Het gevolg is dat WAKER op 30 oktober de haven van Den Helder is uitgesleept op weg naar een recycling bedrijf in 's-Gravendeel.
Bekijk hier een foto reportage van de laatste weken van de
|